Op de foto staan de laatste restanten van steenbakkerij Eyben, ooit gelegen langs de Zuid-Willemsvaart in Maasmechelen. De vervallen bakstenen gebouwen, de kapotte ramen en de oprukkende begroeiing tonen een plaats waar het werk toen al geruime tijd was stilgevallen. Toch herinnerden deze muren nog aan een periode waarin klei, vuur en zware handen het dagelijkse ritme bepaalden.
De steenbakkerij was reeds vóór 1937 actief en bleef volgens de beschikbare gegevens tot 1983 in bedrijf. In en rond Maaswinkel werd klei uit de bodem gehaald en verwerkt tot bakstenen. Het uitgraven gebeurde op grote schaal en liet diepe kuilen en laagten in het landschap achter. Voor de arbeiders betekende dit zwaar en vuil werk: klei winnen, vervoeren en vormen, waarna de stenen moesten drogen en in de ovens werden gebakken.
De ligging langs de Zuid-Willemsvaart was bijzonder gunstig. Het kanaal vormde sinds zijn opening in 1826 een belangrijke transportverbinding door Limburg. Grondstoffen, brandstoffen en afgewerkte producten konden hierdoor gemakkelijker worden aangevoerd of afgevoerd. Zo maakte steenbakkerij Eyben deel uit van het industriële verleden dat lange tijd het landschap en het leven in Maasmechelen bepaalde.
Na de sluiting bleef het gebouwencomplex nog jarenlang verlaten achter. Wind en regen kregen vrij spel, ramen verdwenen en struiken groeiden tot tegen de muren. Uiteindelijk werden ook deze laatste getuigen van het verleden opgeruimd. De restanten van steenbakkerij Eyben langs de Zuid-Willemsvaart in Maasmechelen zijn inmiddels helemaal verdwenen. Hier ligt nu het natuurreservaat Maaswinkel.
Toch verdween het verleden niet volledig. De oude kleiputten vulden zich met water en ontwikkelden zich geleidelijk tot poelen, plassen en waardevolle leefgebieden voor amfibieën. Wat ooit door mensenhanden werd uitgegraven voor de productie van bakstenen, vormt tegenwoordig mee de basis van een natuurgebied van ongeveer 280 hectare. Industrie maakte plaats voor stilte, water en wilde begroeiing.
Deze foto bewaart daarom meer dan alleen het beeld van een verlaten fabriek. Zij toont het kantelpunt tussen twee tijden: de laatste sporen van een verdwenen nijverheid en het begin van een landschap dat langzaam door de natuur werd teruggenomen. Waar vroeger arbeiders en machines het ritme bepaalden, hoort men vandaag opnieuw vogels, wind en water.
X

Geen opmerkingen:
Een reactie posten